In die weken heb ik veel gelezen, boeken, tijdschriften en elke dag de krant. De telefoon naast mijn bed goed gebruikt om in contact te blijven met familie, vrienden en collega’s (internet was er toen nog niet). Gelukkig mocht ik wel bezoek hebben, maar de rest van de dag was het erg rustig... Al hospitaliseerde ik snel de ziekenhuisroutine in. En veroorloofde mij daarbinnen wat kleine vrijheden, zoals me zelf wassen, zonodig ook mijn haar, bij de wastafel. Met de infuusstang naast me; op de een of andere manier kon ik mijn nachtpon uittrekken terwijl het slangetje bleef zitten. De exercitie werd oogluikend toegestaan. Wat ook fijn was: ik kreeg ‘s avonds een extra kopje thee en een beschuit met muisjes. Want na die broodmaaltijd van 6 uur had ik allang weer trek. Ik kan niet anders zeggen dan dat de verpleging en de af en toe langskomende artsen goed voor me hebben gezorgd.
Natuurlijk was ik verdrietig over de situatie en vaak bang dat het toch mis zou gaan. Toch kwam er een soort berusting over me. Ik ging dit gewoon volhouden zolang het nodig was.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten