De coronamaatregelen beginnen deels te wennen. De 1,5 meter afstand
op straat blijft een kwestie van opletten en dat maakt het niet altijd
ontspannend om een blokje om te gaan. Een bezoekje aan de supermarkt is
soms een ware hordeloop. Maar het gaat. Dat we weer wat gemakkelijker
even ergens op bezoek kunnen (ook met 1,5 meter ertussen) is een grote
opluchting.Wat niet went, is niet meer spontaan met het OV kunnen reizen. Ik ben er eentje van de NS-kortingkaart met ‘keuzedagen’ erbij - ineens een luxeartikel dat ik niet kan gebruiken. Veel van mijn reizen zijn immers niet noodzakelijk volgens de huidige regels en ik heb ook geen vitaal beroep.
Gelukkig rijdt geliefde wel auto en we hebben er ook een, maar ik heb zelf geen rijbewijs en reis al mijn hele leven met het OV. Ik ben daarin niet de enige. Niet-autogebruikers kunnen, mogen, waarschijnlijk nog heel lang niet meer zomaar naar vrienden en familie reizen of een uitstapje maken.... Je hoort eigenlijk weinig over de waarschijnlijk nog lang durende reisbeperkingen voor OV’ers. “Waar zouden we zijn zonder de trein?” was ooit de slogan. Thuis dus, concludeer ik een beetje verdrietig.
Maar ik hoef maar even te denken aan die beelden van doodzieke coronapatiënten op de IC en ik weet weer waar we het voor doen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten